Mijn voornaamwoorden zijn:

elk

Ook al is het voor veel mensen erg belangrijk dat men specifieke voornaamwoorden gebruikt om over hun te praten, vinden anderen het geen probleem om op wat voor manier dan ook aangesproken te worden - zolang de context duidelijk is wat betreft degene over wie wordt gesproken. (bekijk de mogelijkheden hier.)

Gebruiksvoorbeelden in zinnen:

  • Ik denk dat hij erg mooi is. (hij)
  • Ik vroeg die of ik diens potlood mag lenen. (die)
  • Dat huis is het hense. (hen/hens)
  • Zhij ziet zhaarself in de spiegel. (zhij)

Deel:

Hoe zit dat nu met die voornaamwoorden?:

We gebruiken allemaal persoonlijke voornaamwoorden. Met deze woorden verwijzen we naar iemand zonder hun naam te noemen. Meestal nemen we onderbewust aan of we naar iemand als “hij/hem” of “zij/haar” moeten verwijzen, op basis van die persoon hun uiterlijk. Maar eigenlijk is het niet zo eenvoudig…

Gender is iets complex. Sommige mensen zien er niet uit zoals de meeste anderen met hun gender. Bepaalde mensen worden liever anders aangesproken dan wat je zou verwachten. Anderen passen in noch de “mannelijke” of “vrouwelijke” hokjes en verkiezen een meer genderneutraal taalgebruik.

Met deze tool kan je een link naar jouw persoonlijke voornaamwoorden delen. Daarin vind je ook voorbeeldzinnen waarmee je anderen kan tonen hoe je het liefst aangesproken wordt.

Waarom is dit nu belangrijk? Omwille van fatsoen. Je spreekt Marie toch niet aan als “Lien” omdat jij die naam mooier vindt of omdat ze er meer zoals een “Lien” uitziet volgens jou? En zelfs al werd ze zo genoemd door haar ouders, spreek haar aan als Marie als ze dit beter vindt dan haar oorspronkelijke naam. En dit is hetzelfde als met voornaamwoorden, als je niet onbeschoft wilt zijn tegenover iemand, spreek die persoon aan zoals die dat wilt. Het enige verschil is dat we vaak eerder elkaars namen dan elkaars voornaamwoorden kennen, omdat we onszelf op die manier voorstellen. Laten we dit samen veranderen!

Startpagina